|
Toespraak van Guy Vanhengel: Brussels minister van Financiën
voor de studenten van de Universitaire faculteiten Saint-Louis.
In 2009 viert het Brussels Hoofdstedelijk Gewest haar 20-jarig bestaan. De balans is eerder positief, want er is heel wat gerealiseerd. Toch wordt het hoog tijd dat Brussel krijgt wat het toekomt: een correcte financiering voor Brussel.
-
Voor de creatie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, werd het afvalwater van de Brusselaars geloosd in de Zenne, om vervolgens de Rupel en de Schelde te verontreinigen alvorens het in de Noordzee terechtkwam. Het Brussels Gewest heeft intussen met eigen middelen twee waterzuiveringsstations gebouwd, een ten Zuiden (Anderlecht) en een ander ten Noorden, (Neder-Over-Heembeek). Dankzij deze beide waterzuiveringsstations, die een fortuin hebben gekost aan het Brussels Gewest, zit er opnieuw leven in het Zennewater. Er zijn zelfs stekelbaarsjes en paling gesignaleerd.
-
Voor de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, was geen enkel historisch monument of gebouw beschermd. Integendeel, er werden zelfs enkele uitzonderlijke pareltjes van ons patrimonium, zoal bijvoorbeeld Het Volkshuis, gelegen op het Vanderveldeplein in Brussel in 1895 gebouwd door Victor Horta, domweg afgebroken in 1965 om plaats te ruimen voor een lelijk torengebouw. Dergelijke afbraken zijn vandaag de dag gelukkig niet meer aan de orde.
-
Voor de oprichting van het Gewest, was Brussel een provinciale stad zoals Charleroi, Luik, Gent of Antwerpen. Intussen is Brussel de hoofdstad van Europa geworden, een administratief centrum dat in de hele wereld is gekend. Volgens het magazine «Brand Channel» is het handelsmerk «Brussel» ongeveer 450 miljard dollar waard. De waarde van de merknaam van de andere gewesten is onbeduidend. En heel wat mensen beginnen dat te beseffen. Het is niet voor niets dat de luchthaven van Charleroi, tot Brussels South werd omgedoopt. Sinds zijn nieuwe benaming draait de luchthaven op volle toeren. Op wereldschaal stelt de afstand tussen Charleroi en Brussel niet veel voor. In Zaventem, heeft het geduurd tot de komst van de Australiërs om de luchthaven van Zaventem te herdopen in «Brussels Airport». Nu stellen zelfs de Antwerpenaren Deurne bij hun Engelstalige klanten voor als «Brussels North». Brussel vormt voor de rest van de wereld de belangrijkste merknaam en de meest zichtbare vitrine op België.
-
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zou nog meer zaken kunnen realiseren, maar wordt in haar ambities beperkt door het gebrek aan middelen. De Vlaamse en Waalse politici hebben Brussel altijd, zowel geografisch als financieel, in de tang gehouden.
Ten eerste telt Brussel "maar" 1 miljoen inwoners op de 10 miljoen Belgen. Niet zo'n gigantische vertegenwoordiging dus.
Ten tweede heeft de federale overheid de macht van Brussel steeds willen inperken om communautaire redenen: het gebrek aan financiële middelen is vaak gebruikt als pasmunt bij taalkwesties. Vlamingen en Walen vinden mekaar steeds om de financiële middelen te verdelen onder mekaar, en dit ten koste het Brussels Gewest. In verhouding met het economisch gewicht dat het gewest vertegenwoordigt, beschikt het nooit over de juiste middelen.
Hierbij enkele cijfers om dit aan te tonen:
- 34% van de vennootschapsbelasting die naar de Federale overheid gaan, komen uit Brussel. Mocht Brussel de eigen ontvangsten mogen behouden, dan zou Brussel net zo'n fiscaal paradijs kunnen worden als bijvoorbeeld Monaco.
- 20 % van het Belgisch BBP komt uit het Brussels Gewest met slechts 10 % van de inwoners uit het hele land. (Meer dan het dubbel)
- Brussel wordt vaak met werkloosheid geassocieerd, maar men vergeet dat Brussel het grootste tewerkstellingsbassin van heel België is met 676.590 arbeidsplaatsen waarvan er 364.000 worden ingenomen door pendelaars vanuit Vlaanderen en Wallonië.
Enerzijds zijn de Brusselse middelen ontoereikend om de uitdagingen voor Brussel aan te gaan. Anderzijds is elke geïnvesteerde euro in Brussel welbesteed, want hij schept een meerwaarde. Het zijn de Vlaams- en Waals Brabanders die het meest profiteren van de Brusselse rijkdom. Brussel exporteert zijn rijkdom.
Ik heb de kans gehad om over Brabant te vliegen met de helicopter. Ik was zeer verrast door het aantal privé-zwembaden. Brabant telt meer privé-zwembaden dan sociale woningen. Keerbergen in Vlaanderen en Lasne in Wallonië zijn de twee meest sprekende voorbeelden.
Waar komt deze rijkdom vandaan? Het antwoord is simpel: vanuit Brussel. Brussel exporteert eigenlijk rijkdom en importeert armoede. Het zijn meestal de meest behoeftigen die zich aangetrokken voelen tot de grootsteden. De sociale woningen vertegenwoordigen 10% van het woningenbestand in Brussel. In de rand kunnen we ze op één hand te tellen. Ik nodig u trouwens uit om eens naar de Brabantse OCMW's te gaan: daar komt amper iemand over de vloer in vergelijking met de volle wachtzalen in Brussel.
Ik blijf het Brussels Gewest met hand en tand verdedigen, omdat het de economische motor van het land is, en omdat die motor moet geölied worden om goed te kunnen draaien. Vandaar dat ik tot het bittere eind zal vechten voor een correctere financiering. Brussel heeft recht op 500 miljoen euro extra.
Deze 500 miljoen euro zouden aan drie prioriteiten moeten worden besteed:
HET ONDERWIJS, HET OPENBAAR VERVOER, DE FISCALITEIT:
-
Het Onderwijs:
-
Het onderwijs vormt een gigantisch probleem in Brussel. Sinds een 20-tal jaar stellen we vast dat de jongeren onvoldoende geschoold zijn. Je zou versteld staan hoeveel analfabeten er rondlopen. Het is een schande voor het gewest dat dit zover is kunnen komen. De Brusselse onderwijsinstellingen zouden een voorbeeld bij uitstek moeten zijn op alle niveau's, zowel voor de infrastructuur, het pedagogisch vlak, de talen enz..
-
Het onderwijs zou moeten leiden naar meertaligheid. Aangezien er zoveel talen gesproken worden, zou Brussel over een troefkaart van formaat moeten beschikken. Het Franstalige net in Brussel heeft echter jongeren afgeleverd die op taalgebied werkelijk gehandicapt zijn aangezien ze slecht één taal (en dan nog vaak onvolledig) kennen. We zijn dan ook niet verbaasd dat de werklozen bij de BGDA ééntaligen zijn.
-
Het openbaar vervoer:
Het gebrek aan financiële middelen heeft een directe impact gehad op het Brusselse openbaar vervoer. De achterstand op het gebied van het openbaar vervoer is gigantisch. Alle grootsteden, zoals Parijs, Londen en Moskou hebben hun metronet gebouwd in het begin van 20ste eeuw. België investeerde in de boerentram naar de rand.
Het is pas vanaf de jaren zestig dat de graafwerken voor de metro zijn begonnen. Nu moeten we het doen met slechts 2 lijnen, wat werkelijk bitter weinig is. Er zou een ondergronds net moeten komen dat heel het Brussels grondgebied omvat. Deze uitbreiding van de metro zou zowel Brusselaars als pendelaars ten goede komen en staat garant voor een betere levenskwaliteit. Er is nog veel werk aan de winkel om heel het gewest van metrostations te voorzien, want de achterstand is niet van vandaag op morgen in te halen.
-
De fiscaliteit:
Persoonlijk verkies ik een financiering van de grootsteden door middel van een stadskorting, want er bestaat een anomalie. Wie in de stad woont, kost de overheid minder voor openbaar vervoer, waterzuivering, veiligheid, wegenaanleg, rioleringen, enz.
Nochtans zijn het de stedelingen die meer belastingen betalen. Dat moet veranderen. Daarom ben ik voorstander van een grondige verlaging van de fiscaliteit op het wonen in stedelijke gebieden.
|